Mee de ballenbak in

Laatst was ik met mijn zoontje van 1,5 bij zo’n giga schreeuw paleis met een hoop plastic en ballen. Niet mijn eerste keus om naar toe te gaan, maar hey, je moet alles een keer proberen. Ik hoorde wel vaker dat je er migraine van kunt krijgen, maar dat je kind het helemaal geweldig vindt.

Dus ik sprak af met een 6-tal andere moeders met dreumesen op de bewuste zaterdagochtend. Ik zag de andere kindjes lekker samen spelen, ballen overgooien, stuiteren op de trampoline en van de glijbaan gaan. Mijn verwachting was dat mijn kleine mannetje wel even de stoere bink ging uithangen en zoals altijd hop hop van de glijbaan af zou gaan. Nou, niets van dit alles, mama mocht nog geen meter van zijn zijde af gaan. Oke, dan samen een keer proberen, hem zelfvertrouwen geven, aanmoedigen en dan zou hij deze glijbaan ook wel alleen durven te nemen. Deze was namelijk nog niet half zo hoog als die van ons speeltuintje tegenover.

Maar na een paar keer samen van de glijbaan zag hij het nog steeds niet zo zitten om naar de andere kindjes te gaan. Dat deed mij denken, is het dan zo dat ik hem verwen, dat hij niets alleen durft. Dat mama altijd aan zijn zijde moet staan. Oei. Dat was niet helemaal het beeld wat ik heb en had over hoe ik mijn kinderen wil laten zijn. Ik probeer mijn kinderen zo op te voeden, dat ze het zelfvertrouwen hebben om zelf op pad te gaan. Iets wat ik heel erg bij mijn peuter van bijna 3 zie. Zij stapt overal zelfverzekerd op af en geen wipwap gaat te snel heen en weer voor haar. Bij de dreumes heb ik dit gedrag ook gezien op het kinderdagverblijf en in de speeltuin. Alleen nu dus niet.

Ik was even wat verward.

Blijkbaar had ik onderschat wat zo’n nieuwe omgeving bij mijn dreumes teweeg zou brengen. Hij voelde zich helemaal niet zo zeker om alleen op pad te gaan. Voelde hij zich ellendig? Nee, dat zeker niet. Want terwijl hij heel lief tegen mama aan geplakt zat en om zich heen keek, zag ik dat hij het ontzettend leuk vond. Hij een ‘stille genieter’ is.

Ok, hij had er dus niet zoveel moeite mee dat hij bij mama zat. Hij vond het wel best en had de tijd van zijn leven. Maar ik zat wel met een interne worsteling. Vragen zoals ‘Waarom speelt hij niet met de andere kindjes? Waarom wil hij alleen bij mij? Moet ik niet meer motiveren dat hij wel gaat?’ Ik zeg je eerlijk, het was even schakelen. Vooral even reflecteren van het beeld dat ík had. De negatieve gedachten en de verwachtingen dat hij net zoals de andere kindjes zou doen, zette ik aan de kant. Ik ging objectief observeren. Hij heeft het goed, hij hoeft niet te huilen en ik voel dat hij het naar zijn zin heeft. Is het nodig dat hij met de andere kindjes speelt. Nee, niet perse, niet nu in wat voor hem wellicht een te overweldigende situatie is. Speelt hij normaal wel met kindjes? Ja, op het kinderdagverblijf zie ik hem altijd samen ravotten. Prima.

Voor mij waren er een aantal conclusie.

Hij is goed gehecht. Ik ben zijn veilige haven, vanwaar hij de wereld kan bekijken. Hij luistert naar zijn gevoel en ik naar de zijne. Ik voel absoluut geen boosheid of schaamte omdat mijn kind ander gedrag vertoont dan de andere kindjes. Ik laat mij leiden door zijn behoefte. Allemaal dingen die ik en mijn vriend belangrijk vinden.

Ok, en het andere scenario. Als hij mij niet meer had zien staan? Dat hij alleen maar oog voor de dingen om zich heen had. Dan was dat ook dikke prima. Waarschijnlijk had hij dan hetzelfde gedrag vertoont wat ik normaal van hem gewend bent. Even stoer van de glijbaan, mama in de gaten houden of ik hem wel zou zien. Af en toe een knuffel komen brengen. Waar het vooral om gaat, is dat ik voel en zie dat hij het goed heeft. Deze ervaring heeft mij nog meer doen inzien dat het losstaat van wat hij dóet. Zo klein als hij nu is, zich aanpast aan de situatie waarin hij is. Hij niet over zijn eigen grenzen heen gaat. Ik hem wel motiveer maar niet dwing iets te doen op een manier die hij niet prettig vindt.

Daarnaast was er nog een belangrijke observatie.

Namelijk dat hij eigenlijk altijd samen met zijn grote zus is. En dat hij, als zijn grote zus er is, de spannende dingen aan durft. Hij haar blindelings volgt en nadoet. Dat betekent voor mij dat er een sterke hechting tussen die twee is. Iets wat ik ontzettend fijn en belangrijk vind. Maar dat ik of mijn vriend wat vaker alleen met hem op pad zullen gaan. Om hem het zelfvertrouwen te geven dat hij zelf initiatieven kan ondernemen, zonder dat iemand hem voor is gegaan. En than again.. hij is pas 1,5 jaar.. hij heeft nog alle tijd van de wereld om alles om hem heen op zijn eigen houtje te gaan ontdekken. En als het zover is, dan weet hij dat hij altijd terug kan komen bij zijn mama, papa of zijn grote zus.

Vraag aan jou; wat doet het met jou als je verwachting van je kindje net wat anders is en hoe ga je daarmee om zodat je in een positieve flow blijft?

Gerelateerde Artikelen

Samen slapen of niet samen slapen?

Samen slapen met je kind is echter niet het antwoord op alle slaap drama’s, en de beste plaats om dit te bespreken is ergens waar je met gelijkgestemden hierover kunt praten. Zij begrijpen wat het is om samen te slapen.
Maar voordat je je aanmeld voor de groep ‘Samen slapen’ is het handig om ook de opsomming te lezen waarom je niet meer samen zou moeten slapen.

Onvoorwaardelijk ouderschap, wat is het nou?

Onvoorwaardelijk ouderschap dat doet ieder ouder toch? Zou je kunnen denken? Elke ouder houdt immer onvoorwaardelijk van zijn kind, niet?! Toch kunnen ouders onvoorwaardelijk van hun kind houden, terwijl het kind zich niet gezien voelt. Het is een manier van opvoeden wat om bewustwording vraagt.

Onvoorwaardelijk ouderschap laat je nadenken over de band die je met je kind wilt.
Het is een pleidooi voor kindgericht opvoeden.

Deze manier van opvoeden nodigt uit om te kijken. Niet alleen naar ons kind, maar naar de hele maatschappij. Straffen en belonen zit namelijk in onze hele cultuur. Het is logisch en soms ook goed bedoelt, maar hoe meer je er in verdiept hoe meer je ermee wilt stoppen. Zodat het kind zich gezien voelt, fouten durft te maken, en vanuit plezier de wereld te ontdekken.

Deel 3 – Door het sporten voelde ik me weer Iris (en sexy ;-)

Het moederschap heeft mij veranderd. Jou ook? Ik vind het best lastig om me naast moeder ook vooral Iris te voelen. Door te bewegen met liefde vind ik haar weer terug. Altijd. En dat is niet zo vanzelfsprekend, want die vrouw was ik echt kwijt na mijn eerste zwangerschap. En toen ik haar weer had gevonden, werd ik zwanger van mijn tweede. En kreeg ik bekkenbodemklachten. Wow, ik kwam er achter hoeveel invloed klachten hebben op het gevoel je niet sterk, mooi, sexy te voelen.

Hechting is van levensbelang

Hechting is van levensbelang maar tegelijkertijd heel natuurlijk. Op een makkelijke manier extra inzetten op de hechting met je kindje voor een stevige basis en vertrouwen is niet ingewikkeld of moeilijk. Het is juist heel fijn! Hechting is belangrijk maar mag je daardoor niet afschrikken. Het krijgt deze dagen in de media een behoorlijke lading waardoor het bijna krampachtig wordt. Terwijl hechting normaal gesproken zo mooi vanzelf gaat. En met wat kleine aanwijzingen ben je er weer alert op in je dagelijkse leven. Zodat het weer vanzelf mag gaan.